‘Holzbücher’ van Carl von Hinterlang in de burcht Guttenberg aan de Neckar
Xylotheken: eeuwenoude boomboeken
Kasten vol met boomboeken, oftewel xylotheken, waren eind achttiende en begin negentiende eeuw educatieve pronkstukken op kastelen en universiteiten, in kloosters en musea. Het inspireerde Delftse KNNV-ers tot het maken van een moderne xylotheek. Natuurhistorisch en cultureel erfgoed, inclusief verhalen en mysteries: waar is de Wageningse xylotheek gebleven?
In het souterrain van Kasteel Groeneveld in Baarn staat een kast met vijftig verschillende houten boeken, oftewel boomboeken, begin negentiende eeuw gemaakt door de Duitse plantkundige en bosbouwer Alexander Schlümbach. Eén van de boomboeken in de vitrine toont opengeslagen zijn inhoud:
Op de rechter 'pagina' liggen op een bedje van mos eikenbladeren, eikels, takjes, een onvolgroeide eikel aan een takje, dwarsdoorsnedes van stukjes eikentak, een blokje eikenhout, een verkoold blokje eikenhout
en een piepklein houten potje met daarin eikenbloesemstuifmeel. Op de linker bladzijde heeft Schlümbach in Gotisch-Duits handschrift onder de kop Quercus robur een hele verhandeling over de zomereik geschreven. En zo staan er in de kast nóg eens 146 boeken, telkens over en gemaakt van en met één boomsoort.
Zomereik in de Schlümbach-xylotheek in Kasteel Groeneveld
Samen vormen ze een xylotheek (xylon is Grieks voor 'hout'): een verzameling kistjes of doosjes in de vorm van een boek, met in elk kistje een beschrijving van de betreffende boom en wat gedroogde blaadjes, vruchten en dergelijke. Elk kistje is gemaakt van het hout van de betreffende boom en de rug van het kistje is beplakt met de schors van de boom. De xylotheek op kasteel Groeneveld is een van de drie nog overgebleven historische xylotheken van Nederland, alle drie door Schlümbach gemaakt.
Xylotheken zijn in de loop van de achttiende eeuw ontstaan, toen ook naturaliënkabinetten en Wunderkammern populair waren. Daarin werden allerlei exotische rariteiten uit binnen- en buitenland tentoongesteld. Deels om mee te pronken, deels om kennis te delen en verspreiden. Dat gold ook voor hout- en houtsoorten in 'Holz-Kabinetten' en xylotheken. 'Zonder de bosarbeiders kwaad te willen doen, probeer ik slechts de zo noodzakelijke, maar grotendeels ontbrekende wetenschappelijke kennis van onze inheemse houtsoorten te verbeiden'. Dat gaf de Duitse hulpgeestelijke Candid Huber (1747-1813) als verklaring voor het maken van zijn xylotheken. Als uitvinder van het fenomeen wordt Carl Schildbach (1730-1816) gezien, die de menagerie (voorloper van de dierentuin) van landgraaf Friederich II beheerde. Tussen 1771 en 1799 werkte hij aan een enorme xylotheek met uiteindelijk 546 delen met 44 boomsoorten, tegenwoordig te bezichtigen in het Naturkundemuseum Ottoneum in Kassel. Het gold als voorbeeld voor de latere xylotheken die vooral in het bosrijke Duitsland en Oostenrijk populair waren.
Botanicus en bosbouwer Alexander von Schlümbach (1772-1835), inspecteur in de Beierse bossen, was de xylotheekmaker voor Nederland. Koning Lodewijk Napoleon gaf hem de opdracht om drie xylotheken te maken die hij in 1809 schonk aan de universiteiten van Leiden, Franeker en Harderwijk. Hij wilde daarmee zijn welwillendheid uitdrukken jegens Nederland en de Nederlandse wetenschappers. De xylotheken werden vanuit Neurenberg per postkoets naar de verschillende universiteiten gebracht, verspreid over drie jaren. De grootste belandde in Franeker met 158 banden, momenteel te zien in het Museum Martena in die stad. De Harderwijkse variant is tegenwoordig te bekijken in De Museumfabriek in Enschede en die van Leiden in kasteel Groeneveld.
Enkele delen uit de ‘bomenbibliotheek’ van Frankeker (foto Onno Meeter)
Er zijn nog zes andere Schumbach xylotheken overgebleven in Duitsland, Hongarije en Zweden. Duitsland en Oostenrijk hebben tegenwoordig nog steeds de meeste historische xylotheken, maar ze zijn ook te zien in Tjechië, Italië, Rusland, Frankrijk, de VS, Zuid-Afrika en Spanje.
Vermeldenswaard is ook nog een Japanse xylotheek. De naam Mogami Tokunai zal bekend voorkomen voor wie Annejet van der Zijls dubbelbiografie over botanicus en medicus Philipp Franz von Siebold en zijn dochter Otaki Kusumoto, de eerste vrouwlijke Japanse arts, heeft gelezen. Mogami Tokunai was wiskundige, onderzoeker, geograaf en etnograaf en liet van Siebold in het begin negentiende eeuw nog zeer gesloten Japan uiterst geheime kaarten van het land kopiëren. Maar hij gaf Von Siebold in 1826 ook 45 houtmonsters. Grotendeels beschilderd met het gebladerte van de bomen waar het hout vandaan kwam en met aantekeningen over het houtgebruik door de inheemse bevolking op Hokaido.
Von Siebold gaf de verzameling bij zijn terugkeer in Leiden cadeau aan de directeur van het toenmalige Rijksherbarium en daar liggen ze nog steeds bij Naturalis
Na 1815 was de mode om xylotheken te maken vrij plotseling overgewaaid raakten ze wat in de vergetelheid en werden nogal eens verwaarloosd. De tand des tijds, ongedierte en onwetendheid kregen vat op veel xylotheken. Vocht, hitte en houtwormen deden hun werk. Maar vanaf de jaren dertig van de vorige eeuw bloeide de belangstelling weer wat op, in Nederland onder aanvoering van de H. J. Venema. Die was tot 1970 hoogleraar plantensystematiek, dendrologie en plantengeografie van de toenmalige Landbouwhogeschool in Wageningen. Hij deed in de jaren dertig onderzoek naar verschillende xylotheken, waaronder die in Franeker en publiceerde daarover in verschillende tijdschriften. In het Landbouwmuseum in Wageningen was voor de oorlog ook een 69-delige xylotheek te bewonderen. Dat valt op te maken uit twee artikelen van Venema uit 1937, inclusief foto's. Na de oorlog bleek deze xylotheek spoorloos verdwenen. Hoogstwaarschijnlijk is die in de barre Wageningse oorlogsomstandigheden geëindigd als brandhout.
Nieuwe, moderne xylotheken zijn er ook. Het moet ergens eind jaren negentig zijn geweest dat Ben Lemmers met de Delftse bomenwerkgroep van de KNNV een bezoek bracht aan Schlümbachs xylotheek in kasteel Groeneveld. 'Dat kan ik beter', dacht de bomenliefhebber en meubelmaker en hij ging aan de slag. In 2004 was zijn kunststuk klaar. Een kast met 50 bomenboeken van inheemse bomen, van veldesdoorn tot schietwilg, van beuk tot lijsterbes, van ruwe berk tot appel, van witte abeel tot gewone hazelaar: allemaal hebben ze hun eigen boek. De bekisting is helemaal van eikenhout, maar wel allemaal met op de rug ook een strook schors van de betreffende boomsoort.
De inhoud, zoals dat hoort bij een xylotheek, met bladeren, zomer- en wintertakken, bloesem, vruchten, een stukje stam, potjes met stuifmeel en insecten die op de betreffende boom huizen. In elk boek zit links bovendien een vakje met daarin een boekje over de betreffende boomsoort.
Bij het openslaan van dit sierlijk vormgegeven boekje, kun je ook eerst een plattegrond uitvouwen, waarop mooi de
inhoud van het desbetreffende bomenboek is weergegeven, met verwijzingen naar de uitleg. Met vervolgens uitgebreide achtergrond over de betreffende boomsoort.'Technisch zitten de boeken beter in elkaar dan de oude', volgens Lemmers: hijheeft de boeken niet gespijkerd, maar gezwaluwstaart, legt hij uit.
De plantaardige inhoud van de boeken is in de loop van de jaren door de leden van de KNNV-bomenwerkgroep verzameld in, op en onder vijftig verschillende boomsoorten.
Toen het huzarenstuk eenmaal klaar was heeft de boomboekenkast een tijd op Lemmers' slaapkamer gestaan. Het zou natuurlijk mooier zijn om ook andere
mensen kennis te laten maken met de bijzondere verzameling eigentijdse boomboeken Aldus geschiedde. Vanaf 2012 was de Delftse xylotheek in Kasteel Groeneveld te zien, naast die van Schlümbach. Het grote voordeel van de Ben Lemmers' xylotheek was dat bezoekers zijn boomboeken mochten vastpakken en openen. Dat is met de eeuwenoude voorgangers, die zorgvuldig in een klimaatkast worden bewaard, uit den boze. De Delftse xylotheek is in kasteel Groeneveld regelmatig gebruikt bij de educatieve kinderprogramma's over bomen en bossen. Met het afscheid nemen van die programma's verloor de moderne xylotheek zijn functie en heel recent besloot kasteel Groeneveld de Delftse xylotheek weer naar de maker te retourneren. Die zoekt nu een natuurminnende club of of een museum om de bijzondere verzameling boomboeken opnieuw ten toon te stellen. Tips en suggesties zijn welkom: mail de redactie van Natura.
Dit artikel is gepubliceerd in Natura no.4, december 2025
Verder lezen:
Voor een uitgebreid achtergrondartikel met veel beeldmateriaal, zie het artikel
Xylotheken in Nederland en het buitenland - houten kunstobjecten in boekvorm - Hans Krol, In: Librariana, 20-1-2014 (met latere aanvullingen)