Eetbare natuur

Een kookboek voor wat in Nederland uit het wild te halen valt

Wilde eendjes van drie à vier maanden zijn het lekkerst. Van de staarten van de vos maak je vossenstaartsoep. In brasem zitten gigantisch veel graten, maar daar heb je weinig last van wanneer je hem krokant bakt. En bij het invallen van de nacht geraapte huisjesslakken worden eerst een week op een dieet van sla en kruiden gezet, voordat je ze drie uur zachtjes in een bouillon gaat koken. Wetenswaardigheden uit het boek ‘Eetbare natuur – Een kookboek voor wat in Nederland uit het wild te halen valt’. Gratis en puur natuur en op heel veel plekken voorhanden. Maar toch gaat dat in veel gevallen niet zomaar. Voor het bejagen van wilde eend, gans, ree en wild zwijn, heb je een jachtakte en een wapenvergunning nodig. Voor vissen op braas, karper of rietvoorn is een al wat makkelijker te verkrijgen visvergunning een vereiste, maar gelden wel allerlei wettelijke beperkingen. Langs de Waddenzee mag iedereen per persoon dagelijks tien kilo Japanse oesters rapen en over een portie paardenbloemenbladeren uit de wei zal al helemaal niemand moeilijk doen. Auteur Hanneke Videler heeft verstand van natuur, koken en het fileren van allerlei beesten. Maar wat minder van schrijven: haar kennis is niet al spannend te boek gesteld en mist een beetje context. Waarom doet ze dat nu allemaal? Wat is ze zoal tegengekomen op haar speurtochten aan spannende dingen, tegenslagen, boze boswachters? Houdt ze zichzelf ook allemaal aan de veelal toch strenge wettelijke bepalingen? Vragen die bij je als lezer opkomen, maar niet worden beantwoord.

Eetbare natuur, Hanneke Videler, Uitgeverij Atlas, € 19,90, ISBN 978 90 450 1666 5

Gepubliceerd in Genoeg, april-mei 2011