Zevenbladschotel

Lof van het onkruid

Godlof dat onkruid niet vergaat.
Het nestelt zich in spleet en steen,
breekt door beton en asfalt heen,
bevolkt de voegen van de straat.

Achter de stoomwals valt weer zaad:
de bereklauw grijpt om zich heen.
En waar een bom zijn trechter slaat
is straks de distel algemeen.

Als hebzucht alles heeft geslecht
straalt het klein hoefblad op de vaalt
en wordt door brandnetels vertaald:

‘Gij die millioenen hebt ontrecht:
zij kòmen - uw berekening faalt.’
Het onkruid wint het laatst gevecht.


Het mooie van een boek schrijven is dat je geen last hebt van allerlei benauwende beperkingen. Een bladzijde meer of minder maakt niet uit. Lekker de ruimte om een eind weg te lullen, intelligente citaten op te nemen plus fraaie gedichten en diepzinnige vergezichten. Maar dan is het boek af, ga je voorpubliceren in je eigen blad en daar heb je het weer: meer de helft van de prachtige inleiding uit mijn boek heb ik moeten weggooien om op twee bladzijden te kunnen proppen (zie bladzijden 26-27). Arme ik, en de lezer natuurlijk ook. Daarom hierboven als toegift iets uit die ware inleiding van Lekker Landschap: Lof van het onkruid van Ida Gerhardt. Ik zal het verder niet besmetten met mijn woorden. Wel natuurlijk nog een recept uit het boek, óók eigenlijk onmisbaar bij een voorpublicatie van een kookboek. Van iets waar een gemiddelde tuinier een gruwelijke hekel aan heeft, omdat het woekert als een gek: zevenblad. Waarop de uitspraak van de Amerikaanse dichter Emerson eens te meer van toepassing is: ‘Onkruid is een kruid waarvan de deugden nog niet zijn ontdekt’. Door ons eenentwintigste Nederlanders dan, want de Romeinen deden het, in de Middeleeuwen werd het er speciaal voor gekweekt en in Scandinavië, Rusland en Letland is het nog steeds een doodnormaal om zevenblad in de keuken te gebruiken, op dezelfde manier als spinazie.

Was een paar handenvol zevenblad en snijdt ze in stukjes. Smoor een gesnipperde ui in een scheut olie of klont boter, voeg het zevenblad en twee uitgeperste teentjes knoflook toe en laat even smoren. Rasp twee flinke aardappelen, voeg die met een deciliter room en wat zout toe en laat gaar worden. Afmaken met peper en nootmuskaat. En dat boek bestellen.

Gepubliceerd in Milieudefensie Magazine, maart 2006