Tuinbonensalade van Alma


Moestuinboeken waarin ook wordt gekookt: was het eerst een originele combinatie, de laatste paar jaar verschijnen ze aan de lopende band. Lange stijd stond de ‘Kok en de Tuinman’ van Amanda Hesser alleen op de planken, inmiddels beginnen we bij het zien van weer een boek met vrolijk koken uit de moestuinoverdaad op de cover, bijna te gapen. Hoe moeten we die mode sociologisch duiden? Is er een verlangen naar leven van het land? Het zou interessant zijn om te weten of met de groeiende populariteit van die zelf-je-groenten-verbouwen-en-klaarmaken-boeken er ook daadwerkelijk meer eetbare kilo’s van de huis, tuin en balkon komen. Volgens de cynicus is het marginaal gefröbel van pseudo-romantische Libelle- en Margriet-vrouwtjes die in hun dure landlevenlaarzen op de high tea lyrisch zitten op te scheppen over anderhalve aardbei die ze hebben grootgebracht.

Maar zo kijken we niet, integendeel: elke zelfgekweekte anderhalve aardbei is er meer dan één. En wie het zelf ook doet, weet dat het belang van de ervaren dankbaarheid, teleurstelling, schoonheid, vieze vermoeide handen, smaak, seizoensritmes, niet in kilo’s is uit te drukken. Iedereen die een rijtje aardbeien, pol bieslook of courgetteplant kweekt is een maatschappelijk waardevolle kennis- en ervaringsbron voor fatsoenlijke voedselomgang.

Dus kom maar op met die moestuinkookboeken waarbij een van de nieuwste extra aandacht verdient: Alma Huiskens en Doortje Stellwagens ‘Met mest en vork’. Behalve een moestuin- en kookboek is het een foto-, lees-, blader-, kijk- en leerboek. Bovendien overstijgt het de oppervlakkigheid van veel groenkookboeken door de bijlagen over ecologische theorie, biologisch-dynamische landbouw en permacultuur. Inclusief aandacht voor de pioniers van die bewegingen, zoals de terechte - maar geen idolate - eer voor Rudolf Steiner, toch de grondlegger van de biologische landbouw. Hier een zomerrecept van Alma.


Ingrediënten

600 gram gedopte tuinbonen
bonenkruid
1 eetlepel rode wijnazijn
3 eetlepel olijf- of zonnebloemolie
peper
zout
uitje
bieslook
mosterdblad (of iets dergelijks als raapsteeltjes, tuinkers, rucola)
4 ronde verse geitenkaasjes

Kook de tuinbonen met weinig water en wat bonenkruid beetgaar (hoe jonger hoe korter de kooktijd) en giet ze af. Klopt van olie, azijn, peper en zout een vinaigrette, schep dat samen met het zeer fijn gesnipperde uitje door de bonen en laat een half uur staan. Hak bieslook, het resterende bonenkruid en het mosterdblad (of iets dergelijks) heel fijn, meng de kruiden en wentel de geitenkaasjes erdoor. Leg de kaasjes op de bonen en serveer met bijvoorbeeld stevig brood.


Gepubliceerd in Down to Earth Magazine, juni 2012