De groene Islam

Inspiratiebron voor milieuvriendelijk leven

Voor sommigen is de islam het geloof van “messentrekkende baardmensen die achter een schaap aanrennen.” Voor anderen een belangrijke inspiratiebron voor een milieuvriendelijke maatschappij. “Je bent geen goed moslim als je de dieren en de omgeving niet goed behandelt.”


En Hij heeft de aarde gemaakt voor de schepping. Vruchten en palmen met knoppentrossen vind je er. En koren in hun hulzen en geurende bomen. Wie wil de weldaden van de Heer nog loochenen? (Koran 55: 11-14)
Hij is het die tuinen doet ontstaan - zowel gecultiveerde als wilde tuinen - en de dadelpalm en velden waarop gewassen en allerlei soorten producten groeien; de olijfboom en de granaatappel... Eet de vruchten ervan, als zij vrucht dragen en geef aan de armen hun deel op de dag van de oogst, en verkwist niet... Voorwaar God bemint de verkwisters niet. (Koran 6:141)

De islam wordt tegenwoordig vooral geassocieerd met ayatollahs, terroristen, criminele Marokkanen en oprukkende chadors. De gemiddelde moslim is uiteraard ongelukkig met die beeldvorming en vindt het helemaal niet stroken met hoe hij of zij zelf de islam beleeft. Zo valt er bijvoorbeeld “verbazingwekkend veel te zeggen over islam en milieu,” zegt Abdulwahid van Bommel. “Als je alleen al de moeite neemt de koran diagonaal te lezen, kom je heel veel tegen over de relatie tussen de mens en zijn natuurlijke leefomgeving.” Van Bommel is islamitisch geestelijk verzorger en veelgevraagd spreker en publicist op het gebied van de islam. Al voordat hij zich op zijn drieëntwintigste als autochtone Nederlander bekeerde tot de islam, was hij veel met milieu bezig. “De islam heeft me veel inspiratie geboden voor milieuvriendelijk leven.”
Het is niet zo verwonderlijk dat de islam van alles te melden heeft over milieu, vindt Van Bommel. Want de samenlevingen van de eerste moslims waren zeer nauw met de natuur verweven. “Zoals ook bij de indianen en de inuïts. De islam is een afspiegeling van de agrarische herdersamenlevingen uit de ontstaanstijd en heel veel uitspraken van de profeet bepleiten een rechtvaardige ecologie.” Dus eerlijk en zonder verspilling omgaan met natuurlijke hulpbronnen.

Chalifa
Maar volgens sommige niet-gelovige milieufilosofen hebben de drie monotheïstische wereldgodsdiensten juist een natuurvijandige houding waarmee ze de huidige milieuproblemen mogelijk gemaakt hebben. Jodendom en Christendom stellen God immers buiten en boven de schepping en daarmee ook min of meer de mens die naar het evenbeeld van God is geschapen (“Bevolk de aarde en onderwerp haar” zegt Genesis). Dat geldt ook voor de islam, historisch en theologisch eigenlijk een voortzetting van beide andere godsdiensten. Daarmee zouden de drie godsdiensten aan een ontheiliging van het leven hebben bijgedragen. Van Bommel is het met die analyse niet eens. Volgens hem verliest de koran nooit het sacrale van de natuur uit het oog en heeft de islam nooit een simpele houding van overheersing en uitbuiting van de natuur ontwikkeld. "De aarde behoort zeker aan Allah. Hij geeft haar als erfdeel aan welke dienaar Hij wil en de uiteindelijke zegen is voor de mensen met godsbewustzijn... Hij zal u tot Zijn plaatsvervanger op aarde maken, dan zal Hij zien hoe u handelt.”, zegt de koran. Dat plaatsvervangerschap - Chalifa - kan worden vertaald met het Bijbelse rentmeesterschap. Dat betekent dat de mens naast God geen heerser, maar beheerser is die zorgvuldig met de schepping moet omgaan, volgens Van Bommel. Het is volgems hem makkelijker om in de koran aanwijzingen te vinden voor respectvolle omgang met de schepping, dan in de bijbel.
Ook zeer overtuigd van het groene karakter van de islam is Abdulah Haselhoef, oud-islamitisch geestelijk verzorger [??]. “Je bent geen goed moslim als je de dieren en de omgeving niet goed behandelt,” meent hij. De Gemeenschapspartij die Haselhoef vorig jaar oprichtte (en die uiteindelijk niet meedeed aan de verkiezingen omdat Haselhoefs zoon ernstig ziekt werd), had een behoorlijk groen verkiezingsprogramma. “Mensen, dieren en planten zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden via een kringloop van processen”, luidt de eerste zin van de milieuparagraaf. Pleidooien voor zonne- en windenergie, stimuleren van de biologische landbouw waarbij de veeteelt zelfs volledig moet omschakelen naar biologisch, verbod op import van niet-biologisch vlees, een eind aan de bontfokkerij, autoluwe woonwijken, het staat er allemaal in. “De Gemeenschapspartij is weliswaar geen islamitische partij, maar de milieuparagraaf van het programma valt bijna één op één te herleiden tot de islam”, zegt Haselhoef. Het pleidooi voor biologische landbouw ontleent Haselhoef bijvoorbeeld onder andere aan een uitspraak van Profeet Mohammed “Melk de uiers van de koe [of was het een geit?] niet helemaal leeg.” Daarmee wilde de Profeet volgens Haselhoef zeggen dat je niet het uiterste van de natuur moet nemen.

Ritueel slachten
“Messentrekkende baardmensen die achter een schaap aanrennen”, dat is volgens Haselhoef het beeld dat veel mensen hebben over de omgang van moslims met dieren. Een beeld dat volgens hem van geen kanten deugt, want de diervriendelijkheid van de islam blijkt onder andere uit vele uitspraken van Mohammed: "Er is geen beest dat op aarde kruipt, noch een vogel die met zijn vleugels vliegt, of zij vormen gemeenschappen zoals u." (Koran 6:38). En: De profeet zei: "Knip de voorlok van een paard niet, want het ontleent karakter aan die voorlok; knip ook de manen niet, want het is zijn bescherming, noch zijn staart want het is zijn vliegenmepper." Moslimjuristen zijn het over eens dat alle dieren rechten hebben. Vlees eten mag, mits ritueel geslacht. “Als u genoodzaakt bent te doden, doe het dan zonder pijniging”, zei de Profeet. Dat wil zeggen dat het dier op zijn gemak gesteld moet worden en zelfs het vlijmscherpe mes niet mag zien waarmee het de hals vliegensvlug wordt doorgesneden. Vervolgens wordt er vanuit gegaan dat door het snelle bloedverlies het geslachte beest snel geen pijn meer heeft. Voor veel mensen in de moslimwereld is het Offerfeest, waarmee Abraham wordt geëerd, een van de weinige keren in het jaar dat ze vlees eten. Een derde van het offerdier gaat daarbij naar de armen en behoeftigen, een derde naar reizigers en gasten en de rest is voor het gezin van de offerbrenger.
Maar hoe ziet die milieuvriendelijkheid van de islam er verder uit in het dagelijkse leven van de moslims? Waarom is het zo moeilijk om in Nederland moslims over milieu te spreken te krijgen? Abdulwahid van Bommel reageert licht geïrriteerd op die vraag. “De moslims in Nederland vormen een samenraapsel van gastarbeiders, zonder representatief lichaam. Je kunt niet vragen wat dé moslims in Nederland van milieu vinden. Je gaat toch ook niet Veluwse boertjes die geëmigreerd zijn naar de Verenigde Staten vragen wat ze als Christenen aan het milieu doen?” Volgens Abdulah Haselhoef zijn veel moslims in Nederland nog bezig met het opbouwen van hun leven, hun familie, bezig hun plek in de Nederlandse samenleving te vinden. Vaak hebben ze nog financieel-economische verplichtingen in de landen waar ze vandaan komen. “Ze voelen zich verantwoordelijk voor hun familie. Zijn nog niet vrij van angst over het vervullen van materiële levensbehoeften.” Ze hebben kortom wat anders aan hun hoofd dan ‘milieu.’ Daar komt nog bij dat ze vanwege de negatieve beeldvorming over de islam van de afgelopen jaren “zich als groep gestigmatiseerd voelen. Dat heeft een defensieve houding tot gevolg en daarmee dat ze vooral met hun eigen groep bezig zijn.”

Reinheid
Toch zijn ze er, moslims die in Nederland milieuvriendelijk proberen te leven. Vanaf de zomer van 2001 deden in Amsterdam, Eindhoven en Helmond 168 Marokkanen en Turken - grotendeels moslima’s - mee aan een ‘EcoTeam’: in dertig teams probeerden ze gas, water, elektriciteit en afval te besparen. “Geld besparen was de belangrijkste reden om mee te doen, maar sommige deelnemers vonden de islam ondersteunend voor milieuvriendelijk gedrag”, vertelt Imke Tegels van SME Milieuadviseurs, die het project uitvoerde. “Er werd bijvoorbeeld geconstateerd dat sommige mensen ontzettend veel water verspillen bij het ritueel wassen, terwijl in de koran staat dat je er maar heel weinig water bij mag gebruiken.” Gemiddeld wisten de deelnemers negen procent water en elfenhalve procent elektriciteit te besparen. Dat is ongeveer evenveel als bij de EcoTeams met autochtonen, maar bij allochtonen ligt het energieverbruik over het algemeen al lager, waardoor het moeilijker is om te besparen.
Op de Ibn Ghaldoen school in Rotterdam, een van de twee islamitische middelbare scholen in Nederland, vinden ze de vraag of er in het lesprogramma aandacht is voor milieu, niet vreemd. Ja, de 575 Vmbo-, Havo- en Vwo-leerlingen krijgen milieulessen, vertelt biologieleraar Soedirman Moentaris. “Mijn leerlingen moesten net nog een toets afronden met een werkstukje waarbij ze de opdracht kregen milieubewust te koken.” In zijn lessen vertelt Moentaris dat de Nederlandse landbouw erg vervuilend is en dat de biologische landbouw een alternatief is. Maar is er een relatie met het islamitische karakter van de school? Moentaris: “Ja, in de islam is reinheid heel belangrijk. Dat is het halve geloof. In de praktijk komt er van die reinheid bij de leerlingen nog niet veel terecht. Maar we zijn bezig met ze her op te voeden. Reinheid van je lichaam, de omgeving, het schoolerf. Ook respect voor leven, voor dieren.”

Taliban
Dat de meeste mensen de islam niet met ‘respect voor leven’, maar met extremisme associëren is weliswaar het gevolg van een nogal eenzijdige beeldvorming, ze zijn er uiteraard wel degelijk, de fundamentalistische stromingen binnen de islam. In Nederland valt zo’n tien procent van de moslims fundamentalistisch te noemen, schat Abdulwahid van Bommel. “Ik heb ze altijd bekritiseerd. Het zijn gevaarlijke groepen. De Taliban zijn een vloek, vooral voor vrouwen. Maar als je kijkt hoe ze met milieu en sociale rechtvaardigheid omgaan, zou je dat heel goed kunnen waarderen”, meent hij. “Ze bepleiten een heel sober leven, zonder zoeken naar overdaad en rijkdom en het voortdurende consumeren van wereldse geneugten. Veel van de moslimfundamentalisten in de wereld opereren in agrarische samenlevingen waar ze een bepaalde evenwichtige verhouding tot het land bepleiten.” Tegelijkertijd verklaren de westerse overdaad en luxe mede de opkomst van het islamitisch fundamentalisme in de wereld, volgens Van Bommel.
Met wereldwijd zo’n 1,6 miljard moslims is het logisch dat je niet over dé islam kunt spreken. “Hoe sterk natuur en milieu gewaardeerd worden ligt ook heel erg aan wie de koran interpreteert”, zegt Van Bommel. En net zoals er binnen het Christendom idealistische groepen zijn die een flink liefdevolle relatie met natuur en dieren hebben ontwikkeld - denk aan de volgelingen van Francisus van Assisi of de Amish People - zijn er zulke groeperingen in de islam. Sommige orden van de eeuwenoude islamitische mystieke stroming van het soefisme (waaronder de beroemde Dansende Derwishen uit Turkije) hebben bijvoorbeeld een enorme verbondenheid met de natuur. Oud-minister van financiën en oud-IMF-topman J. Witteveen bepleit (in zijn boek ‘Soefisme en economie’, dat vorig jaar verscheen) om voor een natuurvriendelijke economie inspiratie te putten uit het soefisme. Inspiratie zoals die bijvoorbeeld blijkt uit een uitroep van een bekende soefi, Hazrat Bayazid van Boestam:
“Liefde komt...
Uit elke tak, elk blad, iedere wortel,
Uit elke vrucht, uit iedere steen.
Nee - uit alles!"



Gepubliceerd in Milieudefensie Magazine, februari 2003